Tour 2012: Sprinters versus Klimgeiten bepalend voor puntenklassement

Tour de France 2012. Op zaterdag gaat de Tour de France van start in het Belgische Luik. Net als altijd zijn er weer een aantal fikse bergetappes opgenomen in het parcours en ieder jaar weer betekenen deze zware etappes dat er een aantal sprinters moeten uitvallen.

Afgelopen jaar dreigde Mark Cavendish uit te vallen na de negentiende etappe, de koninginnerit van de Tour in 2011. Samen met een bus van 88 renners haalde de Brit Cavendish de tijdslimiet niet en kwam dus te laat binnen. Onder normale omstandigheden zou hij uit het klassement zijn geschrapt, een bedankje krijgen voor zijn aanwezigheid, had hij zijn groene trui moeten inleveren en daarna had hij direct naar huis gekund. De Tour-leiding besloot de limiet aan te passen en bij alle renners die in die groep zaten, werden er 20 punten afgetrokken.

Tijdslimiet halen of naar huis.

Een renner die buiten de limiet binnenkomt, wordt uit het puntenklassement gehaald. In het reglement van de Tour de France kun je dat nalezen in Artikel 22. Daarin wordt ook uitgelegd hoe die limiet voor verschillende soorten etappes wordt uitgerekend:

Er worden 6 verschillende coëfficiënten gebruikt om te bepalen binnen hoeveel tijd de renners moeten finishen om in de race te blijven. Deze zijn afhankelijk van het soort etappe en een bijbehorend percentage dat afhankelijk is van de gemiddelde snelheid die de snelste renner op dat parcours haalt. Hoe sneller de winnaar, hoe groter de marge voor de andere renners.

Coëfficiënt 1 – etappes zonder speciale moeilijkheid; vlakke ritten. Tussen 3% en 11%.
Coëfficiënt 2 – etappes met een gemiddelde moeilijkheidsgraad; middengebergte. Tussen 5% en 17%.
Coëfficiënt 3 – etappes met een hoge moeilijkheidsgraad; hooggebergte. Tussen 6% en 17%.
Coëfficiënt 4 – zeer moeilijke korte etappes. Tussen 9% en 20%.
Coëfficiënt 5 – Individuele tijdrit: De limiet wordt berekend aan de hand van de snelste tijd plus 25%.
Coëfficiënt 6 – Ploegentijdrit: De limiet wordt berekend aan de hand van de snelste tijd (de tijd die gereden wordt door het vijfde lid van het winnende team) plus 30%.
Natuurlijk zijn hier uitzonderingen op, bijvoorbeeld als de race wordt stilgelegd, bij ongelukken, slecht weer of ander onvoorzien oponthoud. In het geval dat blijkt dat de inschatting van de rekenmeesters verkeerd is, en er meer dan 20% van de renners de limiet niet kunnen halen, kan worden besloten de limiet te vergroten. Dit is wat afgelopen jaar in de 19de etappe gebeurde toen er 88 renners de limiet niet haalden op de Galibier.

Een andere uitzondering wordt gemaakt als een renner in de laatste drie kilometer ten val komt, lek rijdt of andere materiaalpech krijgt, gaan die regels niet op. Als hij niet kan finishen krijgt dan dezelfde tijd als de renner(s) die het dichtst in zijn buurt zaten – en dat gebeurt trouwens ook wanneer de renner wel finisht na pech in het laatste stuk voor de streep.

Sprinters zijn meestal niet de beste klimmers en voor hen dreigt dan ook altijd het gevaar de tijdslimiet niet te halen. Meestal is die limiet fair, maar soms is het ook te krap voor een hoop sprinters. Wat je dan ziet is dat ze met een grote groep in een bus gaan rijden om een betere limiet af te dwingen en te voorkomen dat ze naar huis worden gestuurd. Afgelopen jaar was dat succesvol, maar het kostte de 88 renners wel 20 strafpunten.

De uiteindelijke winnaar van het puntenklassement wordt dus vooral bepaald door de snelheid van de snelste klimgeit en het op tijd kunnen finishen binnen de limiet die is gesteld bij de zwaarste bergritten van deze editie van de Ronde van Frankrijk. Mark Cavendish, Matthew Goss, Marcel Kittel en Peter Sagan zijn de favorieten voor de sprints, maar ook in de bergen zullen ze er hard aan moeten trekken.

Reacties